Hallo Anne-Claude, kun je jezelf kort even voorstellen ?
Ik ben professor aan de Universiteit van Luik, waar ik het SAM‑laboratorium (Sensing of Atmospheres and Monitoring) op de campus in Aarlen leid.
Wat is uw rol binnen het ALCOVE‑project?
Ons team staat voor een grote uitdaging: het ontwerpen en bouwen van de elektronische neus voor het ALCOVE‑project, en vervolgens elf identieke exemplaren produceren.
Dat is een belangrijke verantwoordelijkheid, want dit instrument vormt het hart van de experimentele opzet. Zonder deze elektronische neus zijn er geen metingen en dus ook geen klinische tests mogelijk. Het ontwerp, de ontwikkeling en de reproduceerbaarheid van deze prototypes behoren dan ook tot de grootste technische uitdagingen van het project.
Welke rol speelt samenwerking binnen uw werkpakket?
Samenwerking is absoluut essentieel. De elektronische neus is geen autonoom instrument: hij steunt op de expertise van vele partners.
Om te beginnen kan hij niet functioneren zonder de sensoren die door de gespecialiseerde teams worden geleverd. Net zoals bij een menselijke neus geldt: als hij niets “waarneemt”, kan hij ook niets analyseren. De prestaties van deze sensoren — gevoeligheid, detectielimiet, stabiliteit — bepalen rechtstreeks de efficiëntie van het systeem.
Daarnaast vormt de klinische fase een belangrijk keerpunt. In tegenstelling tot het vorige PATHACOV‑project, waarbij we in het laboratorium werkten met kunstmatige ademstalen, wordt ALCOVE in een ziekenhuisomgeving gebruikt. Dat vereist het naleven van strikte regels en een nauwe samenwerking met de clinici, die het instrument aan de patiënten voorstellen en instaan voor een gebruik conform de medische vereisten.
Even belangrijk is de bijdrage van de teams die werken aan signaalverwerking en artificiële intelligentie. De sensoren genereren een grote hoeveelheid gegevens die moeten worden geanalyseerd, omgezet in bruikbare informatie en vervolgens op een duidelijke en intuïtieve manier aan de clinici moeten worden voorgesteld.
Tot slot is er een onmisbaar luik rond gegevensbeveiliging en gegevensbeheer. De verzamelde informatie bestaat uit gevoelige medische data: die moeten beschermd, veilig opgeslagen en uitsluitend voor onderzoeksdoeleinden gebruikt worden. Dat vergt een nauwgezette samenwerking met de partners die verantwoordelijk zijn voor het regelgevend kader en de gegevensbescherming.
Kortom, de elektronische neus bestaat dankzij de complementariteit van de expertise binnen het consortium.
Het is werkelijk een collectief werk.











