WP1 – Coördinatie en bestuur: een gestructureerde dynamiek
Het Universitair Ziekenhuis van Rijsel, projectleider, organiseerde in september twee belangrijke momenten: de stuurgroep en het eerste begeleidingscomité, beide bij Eurasanté.
De opvolgingstools werden bijgewerkt, operator- en activiteitenrapporten afgerond en de voorbereidingen getroffen voor een gedeelde samenwerkingsruimte, waarvoor uiteindelijk Nextcloud werd geselecteerd.
Daarnaast werd gestart met de opmaak van een collectieve vertrouwelijkheidsovereenkomst, als voorbereiding op het toekomstige comité voor intellectuele eigendom.
Een essentiële coördinatie om de koers aan te houden.
WP2 – Communicatie: zichtbaarheid en betrokkenheid
De teams hebben de zichtbaarheid op alle fronten versterkt. Geactualiseerde grafische hulpmiddelen (poster, roll‑up, templates) zijn nu beschikbaar op Nextcloud.
Het project kreeg bovendien heel wat media-aandacht: na het Feest van de Wetenschap in Rijsel en Reims en een internationale ISOCS‑webinar, zorgde een reportage op M6 voor extra zichtbaarheid in de mediaDe LinkedIn‑community nadert de 270 volgers. Doel: de grens van 300 overschrijden.
WP3 –Klinische studie: protocol in afwachting van validatie
De klinische teams werken verder aan de voorbereiding van het ALCOVE-onderzoek, samen met de promotiecel van de afdeling Onderzoek en Innovatie van het Universitair Ziekenhuis van Rijsel.
De recente herziening van interne processen en de complexiteit van een dossier rond een medisch hulpmiddel verlengen de reglementaire voorbereiding enigszins, terwijl de finalisering van de prototypes essentieel blijft voor indiening.
Toch blijven de partners sterk gemotiveerd: het protocol wordt verfijnd en de inclusiecriteria en de wijze waarop gegevens worden verzameld worden aangescherpt.
Doel: klaar zijn om de klinische fase te starten zodra de toestellen conform zijn en de autorisaties verkregen zijn.
WP4 – De elektronische neus klaar voor zijn eerste tests
In Aarlen hebben de teams van de Universiteit van Luik een belangrijke stap gezet: het BRIDGE‑systeem, het technologische hart van ALCOVE, is nu operationeel.
Na weken waarin technische uitdagingen werden opgelost, zijn het bemonsteringssysteem en de geselecteerde sensoren functioneel.
Het conformiteitscertificaat, noodzakelijk voor klinisch gebruik, wordt momenteel voorbereid in samenwerking met het CIC‑IT van Rijsel.
De volgende fase wordt cruciaal: de elektronische neus onderwerpen aan discriminatietests op kunstmatige mengsels en ademsimulaties.
Deze tests zullen de gevoeligheid van de sensoren (waaronder de sensoren ontwikkeld door de Universiteit van Bergen/Materia Nova binnen WP5), de stabiliteit van de metingen en het vermogen van het systeem om betrouwbare signaturen te genereren, beoordelen.
Tegelijkertijd worden ergonomie‑ en acceptatietests bij vrijwilligers uitgevoerd om het instrument te optimaliseren voor ziekenhuisgebruik.
WP5 : Vooruitgang rond sensoren en gevoelige materialen
Binnen WP5, gericht op de evaluatie en verbetering van sensoren voor zeer lage detectielimieten en hun toekomstige gebruik in de industrie, werd een reeks geminiaturiseerde resistieve sensoren ontwikkeld op basis van metaaloxiden door Materia Nova en de Universiteit van Mons, en geleverd aan het team van de Universiteit van Luik in Aarlen.
Het L2n-laboratorium van URCA heeft zijn werkzaamheden voortgezet met maskeralignering voor geleidingsmetingen en transistortests onder vochtige omstandigheden, die hun stabiliteit bevestigen.
Begin december werden organische gevoelige lagen (geplaatst door IMT Nord Europe op Reims‑substraten) blootgesteld aan VOC’s.
Materia Nova zal in de komende weken dunne ZnO‑lagen op transistor‑substraten uit Reims leggen via PVD-coating (fysische dampafzetting). De te testen gassen in dit kader zijn voornamelijk alcoholdampen.
WP6 – Sensoruitlezing en interface in ontwikkeling
De teams van de Universiteit van Luik hebben de realtime uitlezing van de 12 MOx‑sensoren en hulpsensoren (temperatuur, vochtigheid, CO₂) afgerond, met registratie van ademprofielen en opslag van ruwe data op een SD‑kaart.
Dit effent de weg voor de volgende fase: het extraheren van kenmerken voor het discriminatie‑algoritme.[LD1]
Tegelijkertijd werkt KU Leuven aan de ontwikkeling van de gebruikersinterface: een offline Android‑app gekoppeld aan het toestel, met gedifferentieerde toegang voor clinici en technici, duidelijke instructies, onderhoudsalerts en de mogelijkheid om gegevens te exporteren voor analyse.
Daarnaast ontwikkelen ze geavanceerde software om de betrouwbaarheid van het systeem te versterken, inclusief foutdetectie en fail‑safe‑mechanismen, zodat het toestel veilig en robuust functioneert in reële omstandigheden.
[LD1]Not sure what is meant here











